Met de slowboat door Laos

Na Chiang Rai ben ik met de lijnbus vertrokken naar het grensdorpje Chiang Khong om de Thai-Lao Friendship Bridge naar Laos over te steken. De busreis was bijzonder. De bus beschikte niet over schokdempers, de deuren gingen niet dicht en de airco zat nog in de doos. Na aankomst in Chiang Khong zat ik onder het stof dat van buiten naar binnen was geslagen. Bij de grensovergang ging alles vrij soepel alleen duurt het altijd langer dan je hoopt. Je moet veel formulieren invullen waar vervolgens niemand naar kijkt. Na het kopen van een visum voor zo’n vijftig euro stonden er al Tuk Tuk’s te wachten om backpackers naar het dorp Huay Xai te brengen. De Democratische Volksrepubliek Laos is heel anders dan Thailand. Landen met een verwijzing naar democratie en het volk in de naam zijn doorgaans niet heel democratisch of volks. Laos is het armste land van Zuidoost-Azië, tevens een communistisch land. Terwijl ik de eerste indrukken tijdens de hobbelige weg door het dorp in mij opnam grijnsde ik door een flits van herinneringen aan mijn overtuigd communistische economiedocent in 6 VWO en de hoogleraar aan de Faculteit der Letteren die met een strak gezicht noemde dat ‘communisme nooit echt goed is uitgevoerd’ dus we nog niet weten of het werkt of niet. Er zitten hier meer gaten in de weg dan in België, overal zijn kinderen aan het werk en er is een behoorlijk vertraagd tijdsbesef. Ik heb nog niet besloten of dat laatste goed of slecht is. Daar tegenover staat dat de mensen hier wel erg gelukkig lijken, ze lachen veel en zingen op straat, maar vaak onder het genot van een halve liter Beerlao. 

Airco in de doos. Mooie lampen aan het plafond.

De eigenares van het hostel dat ik heb geboekt sprak fantastisch Engels, wat mij verbaasde, en plaatste mij in een kamer met drie andere Nederlanders. Ik kocht een ticket voor de slow boat, een simkaart en een lunchpakketje voor de volgende dag op de boot. De komende twee dagen zouden namelijk in beslag genomen worden door de vaartocht naar Luang Prabang met een tussenstop in Pakbeng. De slow boat is voor backpackers de meest gangbare manier van reizen naar het midden van Laos omdat het een ervaring is om over de Mekong door de jungle en bergen te varen. De locals nemen ook deze boot. De landschappen waren prachtig en de sfeer was goed op de boot, maar twee dagen zes tot zeven uren op een volgepropt bootje zitten begint gauw te vervelen. Toch was het een ervaring die ik niet had willen missen. Op de boot zelf heb ik veel leuke gesprekken gevoerd en prachtige natuurverschijnselen kunnen waarnemen, maar ook van de lokale bevolking kunnen genieten. In Laos gooien ze alles wat ze niet meer nodig hebben in de rivier die hen van vis voorziet. Gedurende de hele bootreis werden we geconfronteerd met de stromen van plastic en ander rotzooi die via deze weg naar de oceaan vertrekt. De Mekong-rivier verdient een mooie tiende plaats op de lijst van meest met plastic vervuilde rivieren ter wereld, met een kleine 33,5 ton plastic per jaar dat via deze weg in onze gedeelde oceaan komt. Erg dankbaar. Het enige wilde dier dat ik tijdens deze boottocht heb gezien was een vogel die, het is echt waar, voor onze neus werd afgeschoten. Ik moest er gewoon om lachen, vergeef me voor mijn cynisme.

Prachtige landschappen aan de Mekong.
Deze deed mij denken aan de standaard Windows bureaubladachtergrond.

In Pakbeng, een heel klein dorpje aan de Mekong waar we een nacht verbleven, brak ’s avonds onverwacht een groot feest uit. Het was namelijk Buon Ok Phansa, het einde van de boeddhistische lente. Alle inwoners leken op straat te zijn, ze zongen, staken vuurwerk af en lieten wensballonnen op. Een erg leuke ervaring, zeker omdat het zo onverwacht was. Vooral de jeugd was betrokken deze activiteiten, terwijl ouderen toekeken en alcoholische versnaperingen nuttigden. Het had veel weg van ons oud en nieuw. Zelf heb ik ook een wensballon de lucht ingestuurd, waarbij ik wenste dat deze niet in de boom zou komen. Verder werden er tientallen kleine bootjes te water gelaten met versieringen en vuur. De volgende dag zagen we de restanten van deze afgedreven bootjes zich aansluiten bij de rest van het afval in de rivier. 

Zie op het water een van de bootjes afvaren die wij later weer tegenkwamen.

Eenmaal in Luang Prabang was volgens mij iedere opvarende blij en opgelucht dat we van het schip af konden. Een korte Tuk Tuk rit verwonderde mij opnieuw over de infrastructuur van het land, wat mij deed overtuigen van het feit dat de slow boat waarschijnlijk een betere optie was dan de eendaagse rit in een minivan. We reden het prachtige stadje binnen waarvan de architectuur wordt gekenmerkt door de overblijfselen van de Franse kolonisatie. Deze korte verwondering werd gauw verstoord door de stank van afval dat overal op straat lag, maar die went weet ik inmiddels. In Luang Prabang ben ik van plan niet te veel te doen, ik wil vooral veel eten en relaxen. Er is een koninklijk paleis om te zien en wat watervallen waarvoor je in de rij moet staan, als ik die heb afgevinkt kan ik me weer focussen op waar het echt om draait: de food market. Uiteindelijk vind ik de ‘local experiences’ toch het leukst, misschien omdat je daar het meest van leert. Na Luang Prabang vertrek ik waarschijnlijk naar Vang Vieng, om daar aan boord te stappen van een paramotor om de Oost van boven waar te nemen ter verslaggeving. 

De slow boatjes.
Ontbijtje aan de Mekong.

Eén reactie op “Met de slowboat door Laos”

  1. anna avatar
    anna

    Waaah! Ik liep een beetje (zeg maar gerust 4 verhalen) achter en heb net even de tijd genomen om ze door te lezen onder het genot van heerlijk kopje koffie en ik kan niet anders zeggen dan dat ik mijn maandag middag niet beter had kunnen besteden. Net alsof ik een boek lees, maar dan eentje die ik wel echt interessant vind!

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *